Grenzen lijken iets wat duidelijk is: tot hier en niet verder. Maar in de praktijk zijn we ons daar lang niet altijd zo bewust van.
Sommige grenzen voelen we pas als wij er dwars doorheen zijn gegaan. Dat we te veel gaven, te lang volhielden, of iets toelieten wat eigenlijk niet klopte. Niet omdat we dat wilden, maar omdat doorgaan zo vanzelfsprekend was geworden.
En juist daar raken grenzen en doorzetten elkaar. Want soms is het niet een gebrek aan grenzen, maar de manier waarop we blijven doorgaan die maakt dat we eroverheen gaan.
Dat roept voor mij een belangrijke vraag op: zet ik door vanuit kracht, of vanuit een oud patroon?
Wanneer doorzetten een kwaliteit is
Doorzetten kan iets moois zijn.
Het helpt ons:
- volhouden bij tegenslag
- groeien in iets wat moeilijk is
- trouw blijven aan wat belangrijk voor ons is
Dat vraagt toewijding. Bijvoorbeeld om niet op te geven als iets tijd kost, om ongemak te verdragen omdat iets ons werkelijk dierbaar is, of om een weg te blijven volgen die bij ons past.
Maar niet altijd.
Soms is doorgaan geen vrije keuze, maar iets wat bijna vanzelf gebeurt. Omdat op tijd stoppen iets van binnen voelbaar kan maken. Misschien emoties die we aldoor voorbijliepen. De behoefte aan rust die we onszelf niet makkelijk toestaan. Of een onrust die we liever niet voelen.
Voor sommige mensen was doorgaan vroeger functioneel. Niet klagen en sterk zijn. Ons aanpassen, emoties parkeren en verantwoordelijkheid nemen. Dan kan doorzetten vanzelfsprekend gaan voelen.
En juist daar kan een grens iets zichtbaar maken. Als uitnodiging om te onderzoeken waar de neiging vandaan komt om door te zetten. Vanuit kracht, bijvoorbeeld omdat je iets graag onder de knie wilt krijgen? Of vanuit een oud patroon, en je daarom de eerste tekenen niet snel serieus neemt?
Dat onderscheid vraagt soms om even stil te staan bij jezelf. Niet om direct iets te veranderen, maar om te begrijpen wat er in je speelt.
De volgende vragen kunnen daarbij helpen:
Vijf vragen om bij stil te staan
- Geeft dit doorzetten me op termijn energie of put het me uit?
- Voelt dit als vrije keuze, of als iets dat ik móét?
- Wat gebeurt er in mij als ik pauzeer?
- Wat maakt dat ik toch doorga, ook als ik weerstand voel?
- Zou ik dit ook doen als niemand het van me verwachtte?
Je hoeft geen snelle antwoorden te hebben. Soms is het al genoeg om op te merken wat er gebeurt wanneer je deze vragen leest. Juist in dat opmerken kan iets zichtbaar worden; een gevoel, een spanning, of misschien een verlangen dat je eerder niet zo helder zag.
Wanneer we doorzetten vanuit een oud patroon, kan het gebeuren dat we signalen van een grens minder goed opmerken. Daarmee komt ook een andere vraag in beeld: hoe herkennen we eigenlijk een grens?
Grenzen herkennen
Ik ben gaan zien dat een grens niet altijd een harde lijn is die je vooraf kent.
Vaak laat ons lichaam al iets voelen voordat ons hoofd begrijpt wat er speelt. Daardoor herkennen we een grens niet meteen als zodanig.
Dat kan zich bijvoorbeeld laten zien als:
- vermoeidheid die niet overgaat
- irritatie die sneller oploopt
- merken dat je opnieuw over je eigen “nee” heen gaat
- een lichaam dat spanning laat voelen
- innerlijke onrust nadat je je steeds opnieuw hebt aangepast
In die zin zijn dit niet zomaar losse signalen, maar aanwijzingen dat je een grens nadert of misschien al hebt overschreden. Onderzoek laat zien dat hoe beter we leren deze signalen op te merken, hoe eerder we onze grenzen herkennen.
Wanneer je zo’n signaal opmerkt, kan het helpen om niet meteen door te gaan, maar even te stoppen. Hierdoor ontstaat er ruimte om te voelen wat er in je speelt en wat je nodig hebt.
Soms wordt een grens zichtbaar doordat iets raakt aan wat voor jou belangrijk is. Daarmee hangen grenzen vaak samen met waarden.
Als respect bijvoorbeeld belangrijk voor je is, kun je een grens voelen wanneer je wordt gekleineerd.
Als rust belangrijk voor je is, merk je misschien een grens bij voortdurende overbelasting.
Als eerlijkheid belangrijk voor je is, kan een grens voelbaar worden wanneer je meegaat in iets dat niet klopt.
Zo laat een grens niet alleen zien waar het stopt, maar ook waar iets schuurt.
Waarom luisteren naar je grens moeilijk kan zijn
Je grens voelen betekent nog niet dat je er gemakkelijk gehoor aan geeft. Misschien wel omdat je:
- anderen of jezelf niet wilt teleurstellen
- conflict wilt vermijden
- gewend bent jezelf aan te passen
- pas laat merkt dat er een grens bereikt is
- niet goed geleerd hebt dat je grens ertoe doet
- denkt dat het altijd zo moet of gaat omdat je dat van huis uit kent
Gehoor geven aan een grens begint vaak met deze opmerken, om vervolgens te groeien naar anders handelen. Het begint met kleine stappen zoals:
Mild zijn voor jezelf
Grenzen volgen is niet altijd makkelijk. Het helpt om jezelf vriendelijk toe te spreken zodat er ruimte ontstaat om dit te leren. Het is ook jezelf toestemming geven om op tijd te stoppen als je signalen opmerkt.
Regelmatig bij jezelf inchecken
Door af en toe bewust stil te staan bij hoe het met je gaat, merk je eerder wat er in je speelt. Deze vorm van aandacht (bewust aanwezig zijn) helpt om signalen van je lichaam en gevoel sneller op te merken.
Vertragen in plaats van direct reageren
Wanneer iets je raakt, helpt het om niet meteen te handelen of het weg te redeneren. Even wachten, het gevoel erkennen en een paar keer bewust ademhalen kan al genoeg zijn om bewuster te kiezen in plaats van automatisch door te gaan.
Kleine ‘nee’-momenten oefenen
Grenzen aangeven hoeft niet groot te beginnen. Juist in kleine situaties oefenen met iets niet doen of uitstellen helpt om meer vertrouwen te krijgen in het volgen van je grens.
Iets bespreekbaar maken
Door rustig te benoemen wat je merkt of nodig hebt, maak je zichtbaar waar jouw grens ligt. Niet om iets af te dwingen, maar om jezelf serieus te nemen in wat er in je leeft.
Terugkijken zonder oordeel
Achteraf terugkijken op een moment waarop je over je grens ging, kan helpen om ervan te leren. Niet om jezelf te bekritiseren, maar om te begrijpen wat er gebeurde en wat je de volgende keer misschien anders zou willen.
Niet elke grens is hetzelfde
Niet iedere grens is absoluut. Soms rekken we een grens bewust wat op, door groei, veiligheid of oefening.
Denk aan fysieke training waarbij je stap voor stap meer aankunt.
Of leren presenteren in een setting die goed bij je past.
Dan vergroot je je ruimte.
Maar een grens oprekken is iets anders dan aan jezelf voorbijlopen. Dat laatste gebeurt soms, juist wanneer eerste tekenen van een grens niet luid zijn en daardoor makkelijk worden genegeerd.
Bijvoorbeeld:
- we willen iets afmaken ondanks vermoeidheid
- loyaliteit naar familie, vrienden of (vrijwilligers)werk maakt dat we doorgaan terwijl we eigenlijk rust nodig hebben
- we zijn gewend signalen van ongemak opzij te zetten
Wanneer signalen van een grens telkens weer worden genegeerd, kan dit op termijn leiden tot overbelasting.
Soms laten grenzen zich ineens heel nadrukkelijk voelen. Wanneer je lichaam uitvalt, emoties je overspoelen, of iets in jou zegt: zo kan het echt niet langer.
Of die grens nu ontstaat doordat je zelf te lang doorgaat, of doordat iets van buitenaf je raakt; het moment waarop alles in je ‘nee’ zegt, voelt vaak hetzelfde. Dat zijn voor mij ultieme grenzen.
Zulke grenzen vertellen iets belangrijks en raken aan wat wezenlijk is, zoals waardigheid, veiligheid, respect, waarheid en integriteit. Ze zijn misschien niet zichtbaar voor de buitenwereld, maar vanbinnen diep voelbaar. En juist daarom vragen ze om erkenning en ernaar handelen.
Toen mijn grens echt voelbaar werd
Terugkijkend zie ik hoe vroeg volhouden voor mij vanzelfsprekend werd.
Toen ik op achtjarige leeftijd op een Engelstalige school in Trinidad terechtkwam, kwam ik in een wereld die ik nauwelijks begreep.
Ik kende de taal niet goed, was geen huiswerk gewend, en moest me aanpassen aan een nieuwe cultuur.
Ik herinner me hoe ik eens met een liniaal werd geslagen voor de klas omdat mijn huiswerk niet goed was.
Wat me vooral schokte was niet de pijn, maar het gebrek aan begrip voor deze nieuwe omstandigheden.
Volhouden kreeg door deze ervaring een andere lading en werd steeds normaler. Ik zette door omdat ik iets wilde leren of kunnen, maar soms ook om pijn, schrik of schaamte te vermijden.
Soms werkte dat in mijn voordeel.
Toen ik bijvoorbeeld onvoldoendes haalde voor wiskunde, besloot ik dat ik er examen in wilde doen. Ik oefende net zolang tot ik het onder de knie kreeg en positief afsloot.
Maar er zat ook een keerzijde aan.
Mijn neiging om dingen ‘gewoon te doen’, ook als ze me veel spanning gaven, begon me op te breken. Dat kwam tot uiting in mijn werk.
Ik deed dingen die me veel spanning gaven; presenteren, zichtbaar zijn.
Toch dacht ik vaak dat ik er gewoon doorheen moest.
Tot mijn lichaam op een dag stop zei. Vlak voor een presentatie kreeg ik een paniekaanval. Dat was voor mij een forse grens. Iets in mij maakte duidelijk: tot hier. Die grens probeerde me te beschermen tegen verder over mezelf heen gaan.
Jaren later ontmoette ik opnieuw zo’n grens. Toen in een werkbespreking met mijn leidinggevende, zomaar uit het niets en zonder voorbeelden, werd gezegd dat ik een gevaar vormde voor het gezicht van de organisatie. Er werd geen oordeel gegeven over bepaald gedrag, maar het ging over mijn zijn. Het was de druppel die de emmer deed overlopen.
Diezelfde avond diende ik mijn ontslag in. Dat was geen impuls, maar een ultieme grens. Er was iets bereikt wat ik innerlijk niet verder kon dragen.
Tot slot
Grenzen voelen en er gehoor aan geven is niet altijd gemakkelijk. Maar soms wel wezenlijk. Omdat ze ons laten zien wat we nodig hebben om in balans te blijven met onszelf.
Voor mij begon er iets te veranderen toen ik niet alleen grenzen leerde opmerken, maar er ook meer naar durfde te luisteren.
Hierdoor durfde ik bijvoorbeeld (eerder) te stoppen. Te voelen wat ík nodig had.
Toen begon ook mijn relatie met doorzetten te verschuiven. Niet alles hoeft en niet alles moet. Sommige dingen kun je misschien beter niet doen, of alleen op een manier die werkelijk bij je past.
Luisteren naar een grens is geen opgeven, maar een vorm van zelftrouw.
Wil je hiermee verder oefenen?
Soms helpt het niet alleen om iets te begrijpen, maar ook om er even bewust bij stil te staan.
Daarom maakte ik de oefening: Ja zeggen terwijl je eigenlijk nee voelt
Reactie plaatsen
Reacties