Onlangs keek ik naar een mooie film en werd ik getroffen door deze zin: geluk is blijven verlangen naar wat je al hebt. Dit bleek een bekend citaat te zijn, vaak toegeschreven aan Sint Augustinus.
Het is een filosofische benadering die oproept tot rust en tevredenheid door het besef dat geluk niet voortkomt uit het najagen van nieuwe dingen, maar uit het waarderen van wat je al hebt in plaats van te focussen op wat er ontbreekt. Ook gaat het om bewustzijn: leren geluk te herkennen in alledaagse dingen voordat het weer voorbij is. Oftewel: leren leven in het moment.
Toen ik die woorden hoorde, gebeurde er iets in mij. Het voelde alsof er vanbinnen een diepe ademhaling ontstond. Alsof er heel even toestemming werd gegeven om het voortdurende streven naar meer, beter en verder los te laten. Misschien raakte die zin me juist daarom zo diep, omdat we leven in een tijd waarin “genoeg” bijna niet meer lijkt te bestaan.
Wanneer “genoeg” niet meer genoeg voelt
Overal klinkt de boodschap dat we ons moeten blijven ontwikkelen. In ons werk, ons lichaam, onze relaties, onze persoonlijke groei. Alsof stilstand automatisch achteruitgang betekent. Zelfs wanneer je gewoon goed functioneert, lijkt dat niet voldoende meer.
Bij werkbeoordelingen wordt vaak niet alleen gekeken naar hoe iemand zijn werk doet, maar vooral naar welke doelen er nog behaald moeten worden en hoe iemand zich verder gaat ontwikkelen. Ik hoor steeds meer mensen om me heen die moe worden van die voortdurende druk om zichzelf te moeten verbeteren. Ook jongere generaties lijken daarin vast te lopen.
Natuurlijk is groeien op zichzelf niet verkeerd. Het kan mooi zijn om nieuwe dingen te leren, dromen na te streven of jezelf te ontwikkelen. Maar wanneer het een voortdurende onrust wordt, alsof je nooit gewoon mag zijn wie je bent of mag leven zoals het nu is, raakt er iets uit balans.
Soms lijkt het alsof zelfs rust een project is geworden waarin we nog moeten presteren.
Leren luisteren naar wat wél mogelijk is
Dat zie je ook terug bij ziekte en herstel. In het begin van post-covid werd mensen vaak verteld dat ze vooral moesten blijven trainen om hun conditie weer op te bouwen. Inmiddels weten we dat mensen die bijvoorbeeld lijden aan PEM juist ernstig achteruit kunnen gaan door over hun grenzen heen te blijven oefenen.
Die ervaring heb ik ook opgedaan. Voor sommige mensen ligt herstel niet in méér doen, maar juist in leren vertragen, luisteren en accepteren dat het lichaam grenzen aangeeft.
Maar in een maatschappij die voortdurend gericht is op verbeteren en doorzetten, is het moeilijk om vrede te sluiten met wat niet meer kan. Alsof tevreden zijn met wat er nog wél mogelijk is, hetzelfde is als opgeven.
Juist daarin daagt het leven ons uit; niet om harder te vechten of te blijven doorgaan, maar om ja te zeggen tegen wat er is en te leren luisteren naar wat wél mogelijk is.
Dat sluit aan bij de visie van de Franse filosoof Frédéric Lenoir. Hij schrijft en spreekt veel over geluk, zingeving en innerlijke rust. In zijn visie begint geluk niet bij het perfecte leven, maar bij het leren “ja” zeggen tegen het leven zoals het zich aandient.
Niet omdat alles leuk of eerlijk is, maar omdat voortdurende strijd tegen de werkelijkheid ons uitput.
Dat betekent niet dat je alles passief moet accepteren of geen veranderingen meer mag willen. Als er iets is wat je kunt verbeteren of veranderen, dan mag je daar natuurlijk naar handelen. Maar sommige dingen in het leven laten zich niet oplossen. Verlies, beperkingen, teleurstellingen, ouder worden, ziekte en kwetsbaarheid horen ook bij het mens-zijn.
Mogelijk ontstaat extra lijden juist wanneer we blijven vechten tegen wat er is.
De kleine momenten waarin geluk voelbaar wordt
We brengen bovendien veel tijd door in ons hoofd. We denken aan gisteren, maken ons zorgen over morgen of zijn alweer bezig met wat hierna komt. Ondertussen glipt het leven ongemerkt voorbij. We staan onder de douche zonder het warme water echt te voelen. We wandelen zonder werkelijk te kijken. We zitten bij mensen van wie we houden terwijl onze gedachten ergens anders zijn.
Juist doordat we zo vaak ergens anders zijn met onze gedachten, missen we gemakkelijk de kleine momenten waarin geluk voelbaar kan zijn.
De eerste zonnestralen na bewolkte dagen.
Een onverwacht kaartje met lieve woorden.
Een gesprek waarin we ons verbonden voelen.
Een inzicht dat ineens tot ons doordringt.
Vaak zijn het juist die eenvoudige momenten die ongemerkt voorbijgaan terwijl ze ons van binnen wél voeden.
Een andere manier van in het leven staan
Misschien zegt die ene zin daarom ook wel zoveel over onze tijd. Dat we elkaar soms gek maken met het idee dat het altijd meer moet zijn. Meer succes, meer groei, meer bezit, meer ontwikkeling, meer geluk.
Terwijl duurzaam geluk minder ligt in alles wat we verzamelen of bereiken, en meer in de manier waarop we in het leven staan: werkelijk aanwezig zijn bij wat er is, inclusief de kwetsbaarheid en onvolmaaktheid van het leven.
Juist daar kan meer innerlijke rust ontstaan, als we bewust stil leren staan bij kleine momenten van verbinding, liefde, aandacht of eenvoud midden in het gewone leven.
Reactie plaatsen
Reacties